Avond Concert

Protestantse Kerk anno 1639

Zaterdag 20 november 2021

Start: 20:15 | Koffie/thee vanaf 19:45
Eindtijd: 21:30 | Met een gezellige borrel
Locatie: Raadhuisstraat 3, Hooge Zwaluwe
Prijs: €15,00

Ja, stuur mij nieuws over nieuwe concerten!

    Bekijk hieronder het adres via Google Maps.

    Heeft u een vraag? Neem gerust contact op via ons emailadres of stuur een bericht via de chat.

    info@snarenopswaluw.nl

    Dit concert is in samenwerking met:

    De vleugel (Pleyel anno 1900) is een bruikleen van Erik Visser Pianotechniek, Den-Bosch. Meer informatie op www.pianotechniek.com.

    Over het concert “Bei Männern welche Liebe fühlen”

    Het lied Bei Männern welche Liebe fühlen gaat over een zinnebeeldige test tot volwassenheid. Het werd geschreven door Schickaneder voor het Zingspel (Opera) van Mozart’s “Die Zauberflöte”, en bewerkt door Beethoven. 

    Deze bewerking horen we in Hooge Zwaluwe 20 november. Daarom kunt u na ruim een uur muziek een glaasje drinken, een praatje maken, en genieten van de elkaar en deze prachtige kerk te Hooge Zwaluwe.

    Programma

    Luigi Boccherini (1743-1805)
    Sonate G.5 in G groot voor cello en basso (1766)
    Largo – Allegro alla militaire – Menuetto

    Ludwig van Beethoven (1770-1827)
    Sonate voor piano en cello in F groot, opus 5 nr. 1 (1796)
    opgedragen aan Koning Friedrich Wilhelm II van Pruisen
    – Adagio sostenuto
    – Allegro
    – Rondo Allegro vivace

    Jan Ladislav Dussek (1760-1812)
    Sonatinas no. XI en XII uit Lessons book II
    11. Romanella
    12. La Retreta, an Original Spanish quick March arranged as a Rondo 

    Ludwig van Beethoven (1770-1827)
    Andante - Thema en 7 Variaties over de aria Bei Männern welche Liebe fühlen
    uit Mozarts opera
    Die Zauberflöte, WoO 46 (1801?)
    opgedragen aan Graaf Georg von Browne

    Ursula Dütschler – fortepiano
    (kopie Schanz ca. 1800, gebouwd door Thomas en Barbara Wolf in Washington DC)

    Tal Canetti – cello
    (anonieme Engelse cello anno 1750)

    Wilt u dit niet missen? Bestel dan uw tickets via deze button.

    Impressie van vorige editie op 23 oktober 2021

    Wilt u dit niet missen? Bestel dan uw tickets via deze button.

    Over Ursula Dütschler

    werd in Thun in Zwitserland geboren en kreeg op vijfjarige leeftijd haar eerste klavecimbellessen. Zij studeerde aan het conservatorium in Bern bij Jörg Ewald Dähler en aan het Mozarteum in Salzburg bij Kenneth Gilbert. In 1990 volgde zij een studie op fortepiano bij Malcolm Bilson aan de Cornell University in de Verenigde Staten.In 1989 won Ursula Dütschler het Internationale Klavecimbel Concours in Parijs, met inbegrip van de prijs voor het onderdeel ‘interpretatie hedendaagse muziek’. Twee jaar later werd haar de eerste prijs voor fortepiano toegekend op het Internationale Erwin Bodky Concours in Boston.

    Ursula Dütschler heeft op klavecimbel en fortepiano een veelzijdige concertpraktijk ontwikkeld en is op verschillende podia’s en festivals te horen, zowel als soliste als freelance musicus in diverse kamermuziekensembles. Op www.samenuitthuis.nl het nieuwe Nederlandse concertplatvorm voor artiesten, is ze vertegenwoordigd als soliste en tevens als duo met resp. Raymond Honing, fluit en Bernadette Verhagen, altviool. Ze trad op met orkesten zoals Combattimento Consort Amsterdam, Het Orkest van het Oosten, Ensemble de Grenoble, Orchestre de Chambre de Lausanne, Orquesta Sinfonica de Galicia, Orquesta National de Barcelona y de Catalunia, Württembergisches Kammerorchester en Zürcher Kammerorchester.

    In 2005 kwam Ursula Dütschler in aanraking met de muziek en de Movements van G. I. Gurdjieff. Zij volgde seminars bij Wim van Dullemen en sinds enige jaren begeleidt zij Movements seminars in Nederland en Duitsland op de piano. Haar omvangrijke discografie bij Claves Records en vele andere labels bevat naast vele kamermuzikale uitvoeringen opnamen met solowerken van Bach, Balbastre, Byrd, Scarlatti en Beethoven en Haydn. Inmiddels is ook haar nieuwste solo CD met de sonatines van Jan Ladislav Dussek op de fortepiano verschenen bij Brilliant Classics. Meer informatie op www.ursuladutschler.nl.

    Over Tal Canetti

    (Israel/Nederland) is als celliste en bassiste (Basse de Violon) gespecialiseerd in de historische uitvoeringspraktijk. Zij studeerde in Tel Aviv waar zij haar opleiding cum laude afsloot. Zij won diverse concoursen zowel met barok als met moderne cello. In Nederland specialiseerde zij zich in barokcello aan het Koninklijk Conservatorium DenHaag bij Jaap ter Linden en in Utrecht bij Viola de Hoog.

    Momenteel werkt zij in diverse ensembles in Europa en Israël. Zij ontving beurzen van oa de Amerikaans-Israelische culturele stichting, volgde masterklassen bij oa Anner Bylsma, nam deel aan workshops voor kamer- en orkestmuziek met oa het VerbierFestivalOrkest, olv Zubin Mehta, Giuseppe Sinopoli, Kent Nagano en Kurt Masur. Later was ze aanvoerder van de celli in Nederlandse projectorkesten olv oa Ton Koopman, Elizabeth Wallfisch, Ryo Terakado, Christopher Hogwood en Philippe Herreweghe.

    Daarna speelde zij met vele kamermuziekensembles in Europa en Israel. Was medeoprichter van het Da Fusignano Trio en het Petrarca Duo met pianist Walewein Witten, en trad op tijdens het OudeMuziekFestivalUtrecht in 2004. In haar jeugd speelde zij oa in het nieuw Israelisch Kamerorkest met tournees door Israel, Europe en China. Lter speelde zij mee in diverse bekende barokorkesten zoals Concerto Köln, Amsterdam Baroque Orchestra, Florilegium Musicum, Concerto Barocco, Il Gardellino, Nederlands Bach Orkest, de Mozart Akademie, Concerto Amsterdam en Brabants MuziekCollegie, en werkte ook mee aan Cd opnames.

    Sinds 2017 is zij lid van 'Barokopera Amsterdam'. Zij is oprichter en artistiek manager van de kamermuziekserie 'Bijzonder Klassiek' in Utrecht. Sinds haar studie cellodidactiek in TelAviv geeft zij ook graag les nu in haar uitgebreide lespraktijk in Utrecht voor jonge talenten en volwassenen. 

    Meer over 'Die Zauberflöte'

    Met hun hoofd bedekt worden Tamino en Papageno naar het voorplein van de onderzoekstempel geleid. Ze zullen van hun blinddoek worden bevrijd. De eerste lering begint met de vraag: “Wat zoekt of vraagt u van ons? Wat drijft jou om onze muren binnen te dringen?” Tamino antwoordt met: “Vriendschap en liefde” en wil zelf de dood niet uit de weg gaan, waarop hij gewaarschuwd wordt dat het nog niet te laat is om “te wijken”. Tamino is echter vastbesloten en moet het drie keer herhalen voordat hij ermee de hand schudt. Papageno daarentegen zou liever teruggaan naar het bos om zijn vogels te zien. Hij is doodsbang en toont geen bereidheid om zichzelf aan enig gevaar bloot te stellen. De priester kan echter van gedachten veranderen om door te gaan: Sarastro heeft Papagena voor hem "gehouden", wat gelijk is aan hem, en, na goedkeuring van Papageno, voegt eraan toe dat mannen "die liefde voelen" niet verloren gaan voor "wijsheidsliefde". Voor de tweede test worden ze al "in een helende stilte opgelegd": Papageno zal Papagena zien, maar zonder haar te mogen spreken. Hij wordt met alle strengheid vermaand moedig en stil te zijn. Maar zelfs de eerste bliksem en donder intimideren Papageno. Tamino zal ook “Pamina zien, maar nooit mogen spreken” (bron: Wikipedia).

    Aan hoeveel gevaar durft u zich bloot te stellen om de betere versie van uzelf te worden?

    Meer over Mannen op Swaluw

    Frederik Willem II, een kleinzoon van Frederik Willem I, was kunstminnend en stimuleerde de kunsten. Zijn bewind leidde in Pruisen een periode van culturele bloei in. Beschermelingen van hem waren de componisten Ridolfo Luigi Boccherini, Wolfgang Amadeus Mozart en de jonge Ludwig van Beethoven. De koning was amateur cellist en fluitist. Zijn kinderloze oom, de Pruisische koning Frederik I, had hem na zijn overlijden op 17 augustus 1786 niet alleen een groot leger, maar ook een volle staatskas nagelaten zodat hij niet op een cent hoefde te kijken en dat deed hij dan ook niet. Hij werd wel gezien als een verkwister. Zijn grootvader Frederik Willem I, koning in Pruisen én heer van de Zwaluwen, was daarentegen zeer zuinig omdat zijn vader Frederik I tijdens zijn leven veel schulden had gemaakt en de staatskas leeg was.

    De koning moest na zijn aantreden dus keuzes maken waaraan hij geld zou besteden en koos op de allereerste plaats voor het nuttige, een groot, sterk en goed leger, boven het mooie en aangename en gaf daarom de architecten, beeldhouwers, wetenschappers en kunstenaars die aan het Pruisische hof werkten opdracht te vertrekken. Zo kon hij flink op zijn uitgaven besparen. Hij wilde graag een gift van zijn onderdanen in Holland ontvangen. Frederik Willem I stuurde de secretaris van Hooge en Lage Zwaluwe een brief waarin hij berichtte van iemand vernomen te hebben dat bij het aantreden van een nieuwe heer in de Hollandse dorpen en heerlijkheden de inwoners een vrijwillige bijdrage gaven.

    Hij vond dat hij daar ook recht op had en gaf zijn gezant in Den Haag, Abraham George Luiscius, opdracht deze bijdrage in ontvangst te nemen. Luiscius bezocht regelmatig de Zwaluwen om daar de verpachtingen te doen, de dorpsfinanciën te controleren en lopende zaken af te handelen. Hij sprak daar ook met Zwaluwnaren en was hen behulpzaam bij het oplossen van hun problemen. Luiscius was trouwens de vertaler van de Historie Des Doorluchtigsten Huize van Brunswyk Lunenburg en gaf Het Algemeen Historisch, Geografisch en Genealogisch woordenboek uit. Waarnemend secretaris Jacob Witte ging op onderzoek uit, maar vond in het Zwaluwse dorpsarchief niets over zo’n vrijwillige bijdrage. Het was in de Zwaluwen blijkbaar niet gebruikelijk dat de inwoners de nieuwe heer een cadeau gaven. De Pruisische heer kreeg dus nul op zijn rekest.

    Met dank aan mw. Ada Peele, geschiedkundige en dorpsgenoot